Majgull Axelsson
Overzicht titels:
Oorspronkelijke titel: Is och vatten, vatten och is 2008
Vertaling: Janny Middelbeek-Oortgiesen, 2009
Uitgever: De Geus
ISBN-10: 90-445-1439-3
ISBN-13: 978-90-445-1439-1
Flaptekst:
De tweelingzusjes Inez en Elsie zijn uiterlijk elkaars evenbeeld, maar verder totaal verschillend: de een plichtsgetrouw, de ander avontuurlijk. Toch zijn ze onafscheidelijk, tot een dramatische gebeurtenis een wig tussen hen drijft. Na een ongewenste zwangerschap laat Elsie haar zoontje Björn achter bij Inez en verdwijnt. Björn ontwikkelt zich tot een beroemde popster. Inez’ eigen dochter Susanne groeit op in de schaduw van haar neef, net zoals Inez altijd in Elsies schaduw heeft gestaan. Dan verdwijnt Björn spoorloos.
Jaren later neemt Susanne, inmiddels misdaadschrijfster, deel aan een Noordpoolexpeditie op een onderzoeksschip. Wanneer iemand regelmatig haar hut binnendringt, wordt Susanne op een totaal onverwachte manier met haar verleden geconfronteerd …
Oorspronkelijke titel: Den jag aldrig var 2004
Vertaling: Janny Middelbeek-Oortgiesen, 2005
Uitgever: De Geus
ISBN-10: 90-445-0604-8
ISBN-13: 978-90-445-0604-4
Flaptekst:
Mary Sundin is minister van Ontwikkelingssamenwerking.
Als ze in een Oost-Europese stad op een congres over vrouwenhandel en prostitutie
een toespraak moet houden, klapt ze dicht. De pers suggereert dat het te maken
heeft met de recente onthulling dat Mary's man zeven jaar geleden tijdens een
bezoek aan een minderjarige prostituee uit het raam is gevallen en zijn nek heeft
gebroken. Mary besluit af te treden en bezint zich op haar toekomst.
Tegelijkertijd volgen we het verhaal van Marie. Zij is veroordeeld voor de moord
op haar man, die na een bezoek aan een minderjarige prostituee in een Oost-Europese stad uit het raam is geduwd.
In twee variaties op een leven laat Majgull Axelsson op ingenieuze wijze zien
hoe keuzes je toekomst kunnen bepalen.
Oorspronkelijke titel: Rosario är död 1989
Vertaling: Ydelet Westra, 2003
Uitgever: De Geus
ISBN-10: 90-445-0340-5
ISBN-13: 978-90-445-0340-1
Flaptekst:
In Rosario is dood trekt Axelsson zich het lot aan van Rosario Baluyot, een Filippijns straatkind dat in het stilzwijgend getolereerde sekstoerisme werkt en in 1987 op elfjarige leeftijd sterft. Het meisje is het slachtoffer van een Oostenrijkse arts, die zodanig gruwelijk misbruik van haar maakt dat zij maanden later aan de gevolgen overlijdt. Axelsson reconstrueert het korte leven van het meisje in aaneengeschakelde verhalen, die door de schrijfster samen een documentaire roman worden genoemd. Ze presenteert de feiten, niet voyeuristisch, maar eerlijk, met groot inlevingsvermogen en in de haar kenmerkende indringende stijl.
Oorspronkelijke titel: Slumpvandring 2000
Vertaling: Janny Middelbeek-Oortgiesen, 2002
Uitgever: De Geus
ISBN-10: 90-5226-978-5
ISBN-13: 978-90-5226-978-8
Flaptekst:
Ooit was Augusta's huis de woning waar Augusta moeilijke, maar ook gelukkige jaren beleefde met haar man Isak. Een eeuw later is het huis nog altijd familiebezit en wordt het gebruikt als vakantiehuis. En soms ook als toevluchtsoord. Bijvoorbeeld door kleindochter Alice. Zij trekt zich in het huis terug om na te denken over het verzoek van haar jeugdvriend Kristian, die na tientallen jaren wil horen wat er van hun kind geworden is. Ook het zestienjarige 'achterachterkleinkind' Angelica vindt tijdelijk onderdak in Augusta's huis. Zij is op de vlucht voor haar stiefvader.
Oorspronkelijke titel: Långt borta från Nifelheim 1994
Vertaling: Janny Middelbeek-Oortgiesen, 2001
Uitgever: De Geus
ISBN-10: 90-5226-938-6
ISBN-13: 978-90-5226-938-2
Ook ISBN nummer 9044502492
Flaptekst:
Cecilia Lind, 42 jaar, diplomate, gescheiden en moeder van een dochter, keert terug uit de Filippijnen naar het Zweedse dorp van haar jeugd om voor haar stervende moeder te zorgen. Door haar herinneringen aan de Filippijnen tijdens de vulkaanuitbarsting van de Pinatubo verkeert ze op de rand van een zenuwinzinking.
Op de vlucht voor de steenregen rijdt Cecilia het achtjarige Filippijnse meisje Dolly aan. Ze neemt haar mee en betrekt een huis in het inmiddels verlaten gebied. Daar vertelt Dolly hoe ze jarenlang kinderarbeid heeft moeten verrichten in een katoenfabriek. Cecilia besluit haar te adopteren.
Als ze door een jonge, labiele Filipino worden bedreigd, probeert Cecilia met Dolly op haar rug te vluchten. Maar ze merkt dat ze veel te traag is en laat Dolly achter om alleen verder te kunnen vluchten.
Aan het ziekbed van haar moeder moet ze onder ogen zien wie ze heeft opgeofferd voor haar eigen geluk en overleven, met de dood als gevolg.
Oorspronkelijke titel: Aprilhäxan 1997
Vertaling: Janny Middelbeek-Oortgiesen, 1999
Uitgever: De Geus
ISBN-10: 90-5226-717-0
ISBN-13: 978-90-5226-717-3
Ook verschenen onder de nummers 9044501380 (2001) / 9044507796 (2005), 9789044512298 (2008)
Flaptekst:
Hoe sterk is de relatie tussen een moeder en haar drie pleegdochters als blijkt dat de moeder ook een kind van zichzelf heeft?
'Een van mijn zussen heeft het leven gestolen dat voor mij bestemd was.
Ik wil weten wie.' Zo denkt de gehandicapte Desirée, die al een leven lang
op bed ligt. Als baby is Desirée begin jaren vijftig door haar moeder, die
vroeg weduwe was geworden, in een inrichting geplaatst. Daarna heeft de
moeder drie pleegdochters opgevoed zonder hen te vertellen dat ze ook een dochter van zichzelf heeft: Desirée. Als Desirée het leven van haar 'zussen' binnendringt, wordt het evenwicht tussen de vrouwen ernstig verstoord.
Aprilheks, winnaar van de Zweedse Augustpris, stond wekenlang nummer 1 in Zweden.
De Zweedse pers: 'een fantastisch verhaal en een spiegel van deze tijd,
waarin zowel maatschappijkritiek als geschiedschrijving over de welvaartsstaat te vinden is' Svenska Dagbladet
'ongewone, intellectuele vitaliteit, ingenieuze constructie en een rijkdom
aan invalshoeken' Dagens Nyheter
Recensie Biblion
G. Brandorff
De in 1947 geboren Zweedse schrijfster won met deze succesvolle
roman in 1997 de Zweedse 'Augustpris'. In het centrum van de roman staat de volledig verlamde en aan een verpleeghuisbed in Vadstena gekluisterde Desirée. Zij blijkt in staat op magische wijze vrijelijk reizen door tijd en ruimte te kunnen ondernemen. Zó 'bespeelt' zij op mysterieuze wijze het leven van de pleegzussen Birgitta, Margareta en Christina, die alle drie tragische levensverhalen met zich mee zeulen. Het is ook niet aan hen bekend dat Desirée de dochter van hun pleegmoeder 'tante Ellen' is. De lijvige roman ademt somberheid, echter ook vaak humor en ironie, en doet denken aan de thematiek van 'het getergde kind' bij de Noorse schrijver Wassmo. Het leven van de 4 zussen wordt bepaald door het feit dat geen van hen ooit de belangrijkste was geweest.. In verrassende wisselingen van perspectief, ruimte en tijd schildert de auteur een fascinerende en spanningsvolle generatieroman, waarin zij de magische literaire mogelijkheden goed weet te benutten en tevens een kritisch beeld schept van de Zweedse welvaartsmaatschapppij.

